Pilots omgevingsvisie: Een mooie stoeipartij. Maar vanaf nu: “Eerst denken, dan doen!”

De Eindrapportage pilots omgevingsvisie is op 25 januari 2016 door minister Schultz van Haegen aangeboden aan de Tweede Kamer. In het pilottraject kon de uitvoeringspraktijk nu al vertrouwd raken met het instrument Omgevingsvisie uit het wetsvoorstel voor de Omgevingswet.

De focus in het pilottraject lag op het proces van het maken van een omgevingsvisie!

Vragen bij het pilottraject zijn: Sluit een omgevingsvisie door de procesmatige vernieuwing ook inhoudelijk beter aansluit op de realiteit? Hoe leveren de veranderende processen een bijdrage aan de inhoud?

Eindrapportage pilots omgevingsvisie

Co Verdaas, bestuurlijk verkenner implementatie Omgevingswet, start het voorwoord met: “Een mooie stoeipartij. Fantastisch dat er, zo’n drie jaar voor de daadwerkelijke invoering van de

Omgevingswet, al zo stevig wordt gestoeid met de omgevingsvisie.”

Deze “mooie stoeipartij” leid bij de Eindrapportage pilots omgevingsvisie tot de volgende 7 conclusies:

  1. Het bewustzijn over nut en noodzaak van cultuurverandering is groot, maar zal die verandering binnen enkele jaren slagen?
  2. De vertaalslag om brede participatie in te zetten naar de omgevingsvisie is nog niet gemaakt.
  3. Integraal werken en opgaven in samenhang beschouwen blijkt nog niet (overal) haalbaar.
  4. Bij de omgevingsvisie passen nieuwe, organische en meer flexibele digitale ‘standaarden’.
  5. De ambities bepalen welke gerichtheid de meeste meerwaarde kan bieden en het instrument Programma kan de omgevingsvisie kansrijk verder handen en voeten geven.
  6. Aan het begin van het planvormingsproces moet goed worden nadacht over:
    1. Uitgangspunten;
    2. te zetten stappen;
    3. en (communicatie met) samenwerkingspartners.
  7. De uitdaging is om de ambities op lange termijn te agenderen en te vertalen naar consequenties voor de dagelijkse praktijk.

Maar ook de volgende vier algemene aanbevelingen:

  1. Meer duidelijkheid is nodig over relatie omgevingsvisie met andere instrumenten.
  2. Zoek afstemming met andere bestuurslagen, partners en gebruikers.
  3. Geef vervolg aan de opgebouwde community
  4. Haal lessen in de praktijk op voor implementatie, digitaal stelsel en wetgeving

De kamerbrief van 25 januari 2016 eindigt met de boodschap, dat de implementatie van de Omgevingswet de komende jaren in het teken zal staan van leren van de pioniers en al lerende doen. De eindrapportage geeft een duidelijke aanzet daartoe. Zoals in het voorwoord staat:

De pilots geven vertrouwen, de wil is er.

Hoe nu verder met de gemeentelijke omgevingsvisie?

Voordat de Omgevingswet in 2018 of 2019 in werking treedt, starten gemeenten –bij voorkeur– met een omgevingsvisie in 2016. Het is bij de gemeentelijke omgevingsvisie van cruciaal belang om, behalve de conclusies en aanbevelingen uit de Eindrapportage pilots omgevingsvisie, ook antwoorden te vinden op existentiële vragen als:

  1. Wat is uw toegevoegde waarde als gemeente?
  2. Wie zijn van doorslaggevend belang voor het proces en het resultaat?
  3. Hoe is uw financieel-economische onderbouwing voor de realisatie?

Het gewenste ultieme einddoel is immers om te komen tot:

Een gemeentelijke omgevingsvisie ván “de man op straat!”

Wat als een omgevingsvisie een mooie processtoeipartij blijft zonder participatie? Hoe zal de onvrede onder inwoners zich dan uiten? Zullen de lammeren leeuwen worden als in de Robin Hood-film?

Rise and rise again until lambs become lions

Conclusie

De Eindrapportage pilots omgevingsvisie leidt tot de conclusie:

  1. het pilottraject met een focus op het proces was een mooie “stoeipartij” en heeft geleid tot 7 belangrijke conclusies en vier algemene aanbevelingen.
  2. voor een gemeentelijke omgevingsvisie ván “de man op straat!” zal toch antwoord gevonden moet worden op meer existentiële vragen. De fase van stoeien is voorbij, vanaf nu is het “Eerst denken, dan doen!”

Ik ben benieuwd welke visie uw heeft? Uw reactie op deze blog wordt daarom ook zeer op prijs gesteld.

Over Arno Kleine Staarman

Arno Kleine Staarman is eigenaar van Aranto. De missie van Aranto is om gemeenten de mogelijkheid te geven om ruimtelijke ontwikkelingen en huisvestingsvraagstukken naar eigen wens te kunnen realiseren!

2 reacties bij “Pilots omgevingsvisie: Een mooie stoeipartij. Maar vanaf nu: “Eerst denken, dan doen!”

  1. Er zitten nog wat hiaten tussen de Omgevingswet en BAG.

    bv. Kamerverhuur met eigen opgang etc (appartement) vraagt een huisnummer aan (kostendelersnorm en participatiewet) welke word toegewezen in de BAG. Echter de omgevingswet voorziet in een (1) huis per kavel.

    Resultaat dwangsom en ontruiming van het huis.

    Wat kan hier tegen aangevoerd worden.

    • Beste Joke,

      Als ik u goed begrijp, bent u aangeschreven, omdat er twee woningen zijn (met inschrijving in de gemeentelijke basisadministratie), terwijl in het bestemmingsplan 1 woning toegestaan is….

      Uit uw beperkte informatie begrijp ik verder, dat u een dwangsom hebt gehad met bezwaar en beroepsmogelijkheden. Heeft u bezwaar gemaakt? Zo ja, waarom is legalisatie van de 2e woning niet mogelijk??

      Mijn laatste vraag is of het huis inmiddels ontruimd is en de situatie geëindigd is?

      Met vriendelijke groet,

      Arno Kleine Staarman

Een bericht schrijven

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Je kunt de volgende HTML opmaak gebruiken

<a href="" title=""> <abbr title=""> <acronym title=""> <b> <blockquote cite=""> <cite> <code> <del datetime=""> <em> <i> <q cite=""> <s> <strike> <strong>