Een (nationale) Omgevingsvisie = 4 dimensionaal!

In mijn blog Duurzaamheid: fundering voor de Nationale Omgevingsvisie! ben ik tot de volgende conclusies gekomen:

  1. Uit ecologisch, maar ook zeker uit economisch perspectief, is het voor Nederland belangrijk om een eerste belangrijke stap te zetten met milieubeleidsmaatregelen en gedragsveranderingen om de temperatuurstijging in 2100 te beperken tot 2°C.
  2. De eerste praktische en logische stap in Nederland is dan ook om duurzaamheid dé fundering te laten zijn voor de Nationale Omgevingsvisie!

Maar als duurzaamheid dé fundering van de Nationale Omgevingsvisie is, wat zijn dan de knelpunten, die duurzaamheid en duurzame gebiedsontwikkeling belemmeren?

Knelpunten Duurzaamheid

De economie trekt nu weer enigszins aan en de prijzen van woningen met name  in de Randstad bereiken weer recordhoogte zelfs boven de crisis van 2e helft 2008, waarbij de Amsterdamse woningmarkt droog kookt…  Is daarom de reflex onweerstaanbaar verleidelijk om weer terug te vallen in gebiedsontwikkeling “oude stijl” alsof er geen Omgevingswet in aantocht is in 2019? Gebiedsontwikkeling “oude stijl” op basis van de oude 4 P’s:  Pieken, Pakken, Pleite en Puinhoop.

Terwijl voor duurzame gebiedsontwikkeling als fundering voor de Nationale Omgevingsvisie toch echt gebiedsontwikkeling op basis van de nieuwe 4 P’s: Planet, Profit, People en Place een must is. Als Gebiedsontwikkeling 3.0 aangeduid door Jan Rotmans als een symbiose tussen mens, economie, landschap en natuur, waarbij niet langer groei centraal staat maar ontwikkeling.

Mooi of slecht voorbeeld van knelpunt voor duurzame gebiedsontwikkeling is de discussie over meer of minder woningbouw buiten de rode stedelijke contouren rondom de steden. De volgende blogartikelen heb ik voor u op een rij gezet:

Vóór bouwen buiten de stedelijke contouren:

Tegen bouwen binnen de stedelijke contouren:

Los van het feit -“welk kamp u bent”- worden hier twee zaken haarscherp duidelijk:

  1. Ondanks de nieuwe Omgevingswet is er slechts een sectorale woningbouwdiscussie in plaats van keuzen gebaseerd op een integrale Nationale Omgevingsvisie….
  2. De discussie is grotendeels 2 dimensionaal (woningbouw in de lengte en breedte) en vóór of tegen bouwen buiten de rode stedelijke contouren. Terwijl een 4 dimensionale discussie over de woningbouwopgaven in de Nationale Omgevingsvisie kansen voor oplossingen biedt. Dus niet alleen woningbouw in de lengte en breedte, maar ook in de hoogte en duurzaam in de tijd. Dit om te komen tot een gezamenlijke aanpak voor de veranderende maatschappelijke vragen, waaronder de woningbouwvraag.

De centrale vraag om te komen tot een vruchtbaar resultaat is echter:

  • Hoe komen we tot een inhoudelijk “Anders en beter”-discussie over woningbouw binnen de Nationale Omgevingsvisie?

Dit is een andere vraag dan willen we “meer of minder” woningbouw buiten de rode stedelijke contouren? Een “Anders en beter”-discussie met  duurzame gebiedsontwikkeling als fundering voor de ontwikkeling van Nederland:

  • vanuit de ruimtelijke en omgevingskwaliteiten van het gebied;
  • met draagvlak van de huidige en toekomstige gebruikers;
  • met een haalbare business case;
  • vanuit milieu voldaan wordt aan de normen en CO2-neutraliteit is uitgangspunt bij de ontwikkeling van het gebied;
  • en de komende generaties willen het ontwikkelde gebied graag erven, gebruiken en kunnen onderhouden.

Natuurlijk zal in Nationale Omgevingsvisie “ruimte” zijn en keuzen gemaakt worden over woningbouw naast onder andere bedrijventerreinen, vervoer, winkelcentra, natuur en agrarische gronden. Uiteraard met  duurzame gebiedsontwikkeling als fundering voor de ontwikkeling van Nederland, maar dan integraal, gezamenlijk en 4 dimensionaal!

Conclusie:

  1. Een duurzame Nationale Omgevingsvisie is het instrument om integrale keuzes te maken voor Nederland.
  2. Gebiedsontwikkeling duurzaam “Anders en Beter”, integraal, gezamenlijk en 4 dimensionaal te doen.
  3. Niet te vervallen in de oude reflexen: “meer of minder” en “vóór of tegen”.

Mijn vraag aan u is, kiest u voor “meer of minder” en bent u “vóór of tegen” of kiest u voor gebiedsontwikkeling duurzaam “Anders en Beter”?

Over Arno Kleine Staarman

Arno Kleine Staarman is eigenaar van Aranto. De missie van Aranto is om gemeenten de mogelijkheid te geven om ruimtelijke ontwikkelingen en huisvestingsvraagstukken naar eigen wens te kunnen realiseren!

4 reacties bij “Een (nationale) Omgevingsvisie = 4 dimensionaal!

  1. Uiteindelijk gebeurt het lokaal. Goede geïntegreerde lokale Omgevingsvisie was/is de bedoeling. Nu nog kwestie van goed regelen en doen.
    Politieke systeem denkt nog in sectoren. Is ook een belemmering. Onlangs nog Besluit Energieprestatie Huur. Krijg je als verhuurder ‘een beloning’ als je bestaande huizen niet verduurzaamt op maat, maar inpakt à la nieuwbouw. Niet integraal bekeken.

    Warmtevraag hoeft theoretisch helemaal niet omlaag, als je maar geen beroep doet op fossiele brandstoffen. en die opties zijn er! Op heel vlakken integreren is voor menselijke brein blijkbaar moeilijk. De neiging om alles in vakjes te verdelen, te systematiseren en controleren. ,,, Op zoek naar de grote verbinders die weten wat en hoe te verbinden en consequenties voor andere domeinen te beseffen. Wij werken hard en gaan moedig voorwaarts met elkaar 🙂

  2. Allemaal waar! De Omgevingswet biedt overheid, bedrijven, bewoners etc. ruimte om kwaliteit te realiseren. Deze mogelijkheden zijn er binnen het huidig juridisch kader en instrumentarium overigens ook al. Het probleem zit niet zozeer in de wet, maar in de keuzes die we maken.

    (grond)eigendom bepaalt waar iets komt, niet waar dit het beste kan. De kostprijs bepaalt te vaak of we ergens in investeren, niet de opbrengsten op langere termijn. Quick wins bepalen of de politiek en bedrijfsleven ergens in wil investeren, niet de kwaliteit op termijn. Vervuilen is te goedkoop, schoon produceren is te duur en ingewikkeld. Geld en werk staan centraal, niet de kwaliteit die we realiseren. Zo kan ik nog wel even door gaan.

    De Omgevingswet biedt een prima ‘omgeving’ om (ruimtelijke) kwaliteit te realiseren. Ja, de samenleving moet zijn verantwoordelijkheid nemen. Tegelijkertijd weten we dat individuen zich te vaak laten leiden door het eigen belang en de korte termijn. Daar waar nodig moet de overheid haar verantwoordelijkheid nemen. Het goede voorbeeld geven, maximaal stimuleren en zo mogelijk borgen van kwaliteit: leefbaarheid en duurzaamheid. Duurzaamheid is leidend! Wat leefbaarheid is zou zal, binnen een normenkader (bandbreedte), vooral lokaal bepaald moeten worden.

Een bericht schrijven

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Je kunt de volgende HTML opmaak gebruiken

<a href="" title=""> <abbr title=""> <acronym title=""> <b> <blockquote cite=""> <cite> <code> <del datetime=""> <em> <i> <q cite=""> <s> <strike> <strong>