De Omgevingswet: Wie, wat, waar, wanneer, waarom en hoe!

In deze blog ga ik kort in op het: Wie, wat, waar, wanneer, waarom en hoe van de Omgevingswet.

Waarom één Omgevingswet?

  1. Het huidige omgevingsrecht moet worden vernieuwd. Het recht is niet gericht op ontwikkelingen als regionale verschillen met groei en krimp, duurzame ontwikkeling, maatwerk bij projecten en inspraak bij start van projecten. De balans moet meer liggen bij groei gericht op duurzame ontwikkeling en minder bij te veel zekerheid.
  2. Er is behoefte aan één wet met procedures, planvormen en regels en één instantie als bevoegd gezag. Bij één loket krijgen burgers en bedrijven eerder duidelijkheid over de mogelijkheden en onmogelijkheden van een initiatief. Ook verkort één loket de doorlooptijd van procedures. Eén wet zorgt voor samenhang en integraal beleid.

De ontwikkelingen in de samenleving, knelpunten en verbeterdoelen van de Omgevingswet zijn in onderstaande figuur overzichtelijk weergegeven.

Wat is de Omgevingswet?

Het wetsvoorstel Omgevingswet vervangt:

Belemmeringenwet Privaatrecht, Crisis- en herstelwet, Interimwet stad-en-milieubenadering, Ontgrondingenwet, Planwet verkeer en vervoer, Spoedwet wegverbreding, Tracéwet, Wet algemene bepalingen omgevingsrecht, Wet inzake de luchtverontreiniging, Wet ammoniak en veehouderij (wordt te zijner tijd ingetrokken), Wet geurhinder en veehouderij (wordt te zijner tijd ingetrokken), Wet hygiëne veiligheid badinrichtingen en zwemgelegenheden en Wet ruimtelijke ordening.

Het wetsvoorstel vervangt grote delen van:

Monumentenwet 1988, Waterwet, Wet beheer rijkswaterstaatswerken, Wet milieubeheer en Woningwet.

Van de volgende wetten gaan één of enkele bepalingen over naar de Omgevingswet:

Gaswet, Elektriciteitswet 1998, Mijnbouwwet, Spoorwegwet, Spoorwegwet 1875, Wet bereikbaarheid en mobiliteit, Wet lokaal spoor, Wet luchtvaart. Wet natuurbescherming (nu nog: Boswet, Flora- en faunawet, Natuurbeschermingswet 1998).

Via latere wetswijzigingen gaan, zoals het er nu uitziet, de volgende wetten volledig op in de Omgevingswet:

Onteigeningswet, Waterwet (resterende delen), Waterstaatswet 1900, Wegenwet, Wet beheer rijkswaterstaatswerken (resterende delen), Wet bodembescherming, Wet geluidhinder, Wet herverdeling wegenbeheer (meeste artikelen vervallen), Wet kenbaarheid publiekrechtelijke beperkingen onroerende zaken, Wet inrichting landelijk gebied, Wet milieubeheer (resterende delen), Wet natuurbescherming (nu nog: Boswet, Flora- en faunawet, Natuurbeschermingswet 1998), Wet voorkeursrecht gemeenten, Wrakkenwet.

Waar gaat de Omgevingswet over?

Deze Omgevingswet gaat over de fysieke leefomgeving en activiteiten die gevolgen hebben of kunnen hebben voor de fysieke leefomgeving. Onder de fysieke leefomgeving omvat in ieder geval:

  1. bouwwerken,
  2. infrastructuur,
  3. watersystemen,
  4. water,
  5. bodem,
  6. lucht,
  7. landschappen,
  8. natuur,
  9. cultureel erfgoed,
  10. werelderfgoed.

Met gevolgen die uit wijzigingen, gebruik, activiteiten kunnen voortvloeien.

Hoe werkt de Omgevingswet?

De Omgevingswet werkt met de Beleidscyclus en 6 kerninstrumenten. In de onderstaande beleidscyclus van de Omgevingswet zijn de zes kern instrumenten van de nieuwe Omgevingswet in één oogopslag overzichtelijk weergegeven:

De beleidscyclus van de Omgevingswet

Bron: Memorie van toelichting Omgevingswet: Figuur 1: De beleidscyclus van de Omgevingswet.

  • de omgevingsvisie;
  • het programma;
  • het omgevingsplan van de gemeente, de waterschapsverordening van het waterschap en de omgevingsverordening van de provincie;
  • algemene rijksregels voor activiteiten in de fysieke leefomgeving;
  • de omgevingsvergunning, waarmee een initiatiefnemer via één aanvraag bij één loket toestemming kan verkrijgen voor het geheel van door hem gewenste activiteiten;
  • het projectbesluit.

Wanneer start de Omgevingswet?

Met de implementatie van de Omgevingswet wordt nu al gestart. De planning voor de implementatie is als volgt:

  1. implementatie van de Omgevingswet 2019;
  2. het jaar 2018 voor de procedures als bijvoorbeeld het reorganisatieplan en het omgevingsplan;
  3. de strategie (omgevingsvisie) en inhoud in 2017;
  4. en het voorbereiden en opstellen van een (regionale) implementatieagenda uiterlijk in het najaar van 2016.

Cruciaal is om te starten met een verbindende Omgevingsvisie voor iedereen ook ván en voor “de man op straat!

Dé Aanpak voor een Omgevingsvisie is:

expertise-arantoOm te komen tot een duurzame, onderscheidende en integrale gebiedsontwikkeling op sociaal, ruimtelijk en economisch domein te hebben gebaseerd op de kracht van het gebied!

Wie gaat de Omgevingswet merken?

Iedereen in Nederland gaat de Omgevingswet in meer of mindere mate merken. De Omgevingswet heeft in ieder geval gevolgen voor:

  • Wethouders, Gedeputeerden, ministers, raads- en Statenleden, leden van de Tweede Kamer en alle gemeentelijke, provinciale en Rijksambtenaren.
  • Bestuurders onderwijsinstellingen, welzijnsinstellingen en verzorgingstehuizen;
  • Bestuurders lokale, milieuverenigingen, oudheidkundige verenigingen, maatschappelijke instellingen en sportverenigingen;
  • Bestuurders ondernemersverenigingen, winkeliersverenigingen en industriële kringen;
  • Het bedrijfsleven en adviseurs.
  • Alle inwoners in Nederland.

Uw reacties zie ik dan ook graag tegemoet…

 

Over Arno Kleine Staarman

Arno Kleine Staarman is eigenaar van Aranto. De missie van Aranto is om gemeenten de mogelijkheid te geven om ruimtelijke ontwikkelingen en huisvestingsvraagstukken naar eigen wens te kunnen realiseren!

6 reacties bij “De Omgevingswet: Wie, wat, waar, wanneer, waarom en hoe!

  1. Beste Arno,

    Met veel interesse heb ik je blog gelezen over de omgevingswet. Graag willen we dit ook delen met onze achterban: gemeenten, woningcorporaties en zorginstellingen.
    Vind je het goed als we jouw artikel naar voren brengen op onze website en daar een link naar dit artikel in vermelden en meenemen in onze nieuwsbrief? Het zou dan komen bij Nieuws http://nl.cameloteurope.com/nieuws-blogs-0

    We horen het graag,

    met vriendelijke groet,
    Rianne Kole
    Marketing & communicatie Manager
    Camelot Europe

    r.kole@cameloteurope.com

  2. Frits Kwint zegt:

    Dag Arno,

    Ik dacht aan heel iets anders toen ik de titel las, want ik heb dezelfde vragen als kapstok gebruikt in een paper over het omgevingsplan.

    Citaat:
    Het begint altijd met een vraag van iemand (wie), een burger, organisatie, of bedrijf. Men heeft behoefte om ergens ‘wat’ (een functie) te realiseren. De vraag ‘waarom’ een functie nodig is zal moeten worden beantwoord. En meestal zal wel duidelijk zijn ‘waar’ de functie is bedacht, maar dat kan evenzogoed een gezamenlijke zoektocht naar een geschikte locatie zijn. Van belang is ook ‘wanneer’ de functie plaatsvindt. Is het permanent, of tijdelijk, is het een continue, of een discontinue functie. Als dit bepaald is, komt vervolgens de vraag aan de orde of en ‘hoe’ een functie op een bepaalde locatie kan worden gerealiseerd.

    Het zijn de klassieke vragen van een dramastuk: wie, waarom, wat, waar, wanneer en hoe.

    Groeten,
    Frits Kwint

  3. Bert vd Moolen zegt:

    Beste Arno,
    De presentatie zoomt sterk in op de overheid met een top down benadering, terwijl de samenleving een veel prominentere plek moet gaan krijgen. Ben erg benieuwd naar hoe aspecten als communicatie van en naar de samenleving gestalte krijgen, de gevoeligheid van de overheid om te luisteren naar en te werken met die samenleving en hoe ver de participatie van de bewoners cq burgers zal gaan.
    Vr. Gr.,
    Bert van der Moolen

Een bericht schrijven

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Je kunt de volgende HTML opmaak gebruiken

<a href="" title=""> <abbr title=""> <acronym title=""> <b> <blockquote cite=""> <cite> <code> <del datetime=""> <em> <i> <q cite=""> <s> <strike> <strong>